Brooklyn, NY 11221, USA

Dagblad Trouw

Zoveel moeite om het steil te krijgen

door Arlette Dwarkasing − 22/03/03, 00:00

Niet één Nederlandstalig boek kon Mireille Liong-A-Kong vinden over de verzorging van kroeshaar. Maar wat moet je eigenlijk met een boek? Haarverzorging betekent toch gewoon: goede shampoo, crèmespoeling, af en toe naar de kapper en klaar?

Niet als je kroeshaar hebt, verzekert de 35-jarige it-specialiste. Kroeshaar is het droogste en meest breekbare haartype, weet ze inmiddels, want via internet vond ze wel veel Amerikaanse literatuur -wetenschappelijke onderzoeken zelfs- over haar haarsoort, in Amerika afro hair genoemd. Door de westerse invloed zijn vrouwen, en later ook mannen, hun kroeze haar met chemische producten gaan behandelen. Om het steil te krijgen (relaxen). Of in ieder geval geschikt te maken voor ‘westerse’ kapsels.

Waarom doen vrouwen dat, vroeg Liong-A-Kong zich af, en welke mogelijkheden heb ik als ik die rotzooi niet meer in mijn haar wil? Al de informatie die de in Suriname geboren Liong-A-Kong bij elkaar zocht heeft ze nu in een eigen boekje geschreven onder de titel ‘Kroeshaar – wat je moet weten en meer’.

Wat je bijvoorbeeld moet weten, vindt Liong-A-Kong, is dat er verschillende soorten kroeshaar zijn. Die vele kleine krullen kunnen een ‘zigzag-vorm’ hebben, een ‘golvende lijn met bergen en dalen’ of eruitzien als ‘meerdere O’s’. En al die chemische producten, die ook volop bij de black hair-kappers in Nederland te krijgen zijn, verpesten je haar. Dat ondervond de schrijfster ook.

,,Ik heb zelf mijn haar jarenlang ‘gerelaxt’. Dat is een soort automatisme. Als je tiener wordt, dan doe je dat. Dan is het afgelopen met staartjes, knotjes en vlechtjes. Maar toen ik op mijn negentiende naar Nederland kwam om te studeren, brak mijn haar regelmatig af. Toen ben ik op zoek gegaan naar alternatieven. Het is toch gek dat je chemische rotzooi moet gebruiken om goed voor de dag te komen? Mijn toenmalige vriend verweet mij een complex te hebben: je wil steil haar, naar westerse maatstaven. Maar relaxen heeft niets te maken met wit willen zijn. Het heeft in onze cultuur alles te maken met volwassen worden: je wilt als vrouw ook eens wat anders met je haar.”

En het kan anders, laat Liong-A-Kong in haar boek zien, zonder schadelijke middelen. Alleen moeten vrouwen, maar ook hun omgeving, een drempel overwinnen. Terug naar ‘natuurlijke haardrachten’, maar dan moeten we ook af van het imago dat vele vlechtjes, twists, cornrows, bantu knots of dreadlocks ‘aanstootgevend’ of ‘niet-representatief’ zijn. Ze schrijft: ,,Tijdens de slavernij werden de Afrikaanse kapsels door de westerse wereld vooral als aanstootgevend en opzichtig ervaren. (…) Als gevolg hiervan werden vlechten heel lang beschouwd als ‘niet-representatief’. Tot in de jaren tachtig, weet Liong-A-Kong, zijn in de Verenigde Staten rechtzaken geweest over het wel of niet vlechtjes mogen dragen in bepaalde functies. ,,Mensen in het hotelwezen bijvoorbeeld die weigerden chemisch spul in hun haar te doen om hun baan te kunnen behouden.” Maar ook onlangs in Nederland waren de dreadlocks van een stewardess reden voor een conflict met haar werkgever. ,,Bij dreadlocks denken mensen vaak: ‘wat vies, die wast en kamt haar haar niet’. Het wordt absoluut wel gewassen, alleen inderdaad niet gekamd. Maar iedere dag ‘sochtends een kam door je haar is voor kroeshaar helemaal geen natuurlijke manier van je haar verzorgen. Van te vaak kammen kan het haar afbreken.”

Liong-A-Kong wil af van de opgelegde standaarden. ,,Wij kroesharigen zelf moeten een norm aanleggen voor onze haardracht, laten zien wat wij zelf representatief vinden en wat niet.” In Amerika zijn vrouwen daarin al wat verder. Daar kiest ‘maar’ zestig procent van de vrouwen met kroeshaar voor relaxen, tegen negentig procent in Nederland. Haar boekje vol verzorgingstips en suggesties voor ‘natuurlijke haardrachten’ moet daarin verandering brengen.

Artikel uit Trouw 

Related Posts

Leave a comment